Dag 1 – Aankomst in Suriname
Na weken van voorbereidingen was het eindelijk zover: mijn reis naar Suriname begon. Vanaf Schiphol vertrok mijn vlucht in de namiddag richting Johan Adolf Pengel International Airport, beter bekend als Zanderij. De vlucht duurde ongeveer negen uur, maar de spanning maakte de tijd draaglijk. Toen we landden, voelde ik meteen de tropische warmte — een vochtige hitte die als een deken over me heen viel.
Na de douane stond er een busje klaar dat me naar mijn hotel in Paramaribo bracht. Onderweg, terwijl we door het donker reden, hoorde ik het geluid van krekels en voelde ik de rust van het binnenland. Eenmaal in de stad zag ik de verlichte Surinamerivier en de houten koloniale huizen die zo kenmerkend zijn voor de hoofdstad.
Ik checkte in bij een charmant hotel in de buurt van de Waterkant. Het was laat, maar ik kon de verleiding niet weerstaan om nog even buiten te zitten. De lucht was warm, de rivier glinsterde, en de geur van tropische bloemen mengde zich met die van gebakken vis van een nabijgelegen eettentje. Mijn avontuur in Suriname was officieel begonnen.
Dag 2 – Eerste kennismaking met Paramaribo
Na een verkwikkende nachtrust begon ik de dag met een uitgebreid ontbijt: verse papaja, gebakken banaan en een kop sterke koffie. Daarna trok ik de stad in om Paramaribo te verkennen.
Ik begon bij het Onafhankelijkheidsplein, omringd door imposante gebouwen zoals het Presidentieel Paleis en het Hof van Justitie. De koloniale architectuur gaf de stad een unieke charme – Nederlands, maar tropisch. Daarna wandelde ik richting de Sint-Petrus-en-Pauluskathedraal, volledig opgetrokken uit hout en een van de grootste houten kerken ter wereld. Binnen rook het naar oud hout en wierook; een serene sfeer.
’s Middags liep ik langs de Waterkant, waar stalletjes gebakken vis, saté en roti verkochten. Ik koos voor een bord roti kip, dat met de hand werd bereid door een vriendelijke vrouw die trots vertelde dat ze het recept van haar oma had.
In de avond bezocht ik ’t Vat, een bekend café aan de Waterkant. Onder het genot van een koud Parbobiertje luisterde ik naar livemuziek en raakte ik aan de praat met enkele locals. Hun openheid en humor maakten dat ik me meteen welkom voelde.
Dag 3 – Fort Zeelandia en cultuur
Vandaag stond in het teken van geschiedenis. Ik bracht een bezoek aan Fort Zeelandia, een historisch fort dat teruggaat tot de 17e eeuw. Het uitzicht over de rivier was prachtig, maar de verhalen van de gids gaven het bezoek ook een diepgang. Hij vertelde over de koloniale periode, de slavernij, en de strijd om onafhankelijkheid.
Na het fort liep ik naar de Palmentuin, een oase van rust midden in de stad. Honderden palmbomen wiegden zacht in de wind, en overal hoorde ik vogels zingen. Ik ging op een bankje zitten met een versgeperste kokosnoot en keek naar kinderen die speelden tussen de bomen.
’s Middags bezocht ik de Centrale Markt, waar de geuren van kruiden, vis, fruit en specerijen me tegemoet kwamen. Ik kocht er pinda sambal en een paar lokale snacks om later op te eten.
De avond bracht ik door bij een klein restaurant aan de rivier. Terwijl de zon onderging, kleurde de lucht roze en oranje. De warmte, het geluid van de rivier en het gevoel van rust maakten dit moment onvergetelijk.
Dag 4 – Excursie naar Commewijne
Vandaag maakte ik een dagexcursie naar het Commewijne-district, aan de overkant van de rivier. We staken de Surinamerivier over per boot en bezochten verschillende oude plantages. De gids vertelde over de tijd van de suikerrietplantages, het slavernijverleden en de migratie van contractarbeiders uit India, Indonesië en China.
Bij plantage Frederiksdorp, een gerestaureerde historische plek, liep ik door oude houten huizen met rode daken en hoorde ik de verhalen van vroegere bewoners. Daarna lunchten we aan het water: gebakken tilapia met rijst en salade.
Op de terugweg maakten we een stop bij Nieuw-Amsterdam, waar de samenvloeiing van de Commewijne en de Surinamerivier zichtbaar is. De wind blies zacht over het water terwijl pelikanen voorbijvlogen. Terug in Paramaribo voelde ik me voldaan, maar ook geraakt door de geschiedenis die hier nog overal voelbaar is.
Dag 5 – Vanuit Paramaribo naar Brownsberg
Vandaag begon een nieuw avontuur: een meerdaagse tocht naar het binnenland. Vroeg in de ochtend vertrok ik met een kleine groep richting Brownsberg Natuurpark. De rit duurde ongeveer drie uur, waarvan het laatste stuk over onverharde wegen ging.
Eenmaal aangekomen, keek ik mijn ogen uit. Het uitzicht vanaf de berg was adembenemend: een oneindige zee van groen, met in de verte het Brokopondomeer. De lucht was gevuld met het geluid van vogels en insecten.
We maakten een wandeling naar de Leo Val waterval, een tocht door dicht regenwoud vol varens, mieren en vreemde geluiden. Onderweg zagen we kapucijnaapjes en felgekleurde vogels. Toen we bij de waterval aankwamen, dompelde ik mijn voeten in het koele water – een verfrissende beloning na de tocht.
’s Avonds aten we een eenvoudige maar heerlijke maaltijd: rijst met kip en groenten, bereid op een houtvuur. Terwijl de zon onderging, kleurde de hemel dieprood en hoorde ik alleen het gefluit van krekels.
Dag 6 – Avontuur in de natuur
De volgende ochtend werd ik vroeg wakker door het geluid van brulapen in de verte. Na het ontbijt trokken we opnieuw het woud in, ditmaal voor een langere wandeling naar het Ireneval-uitkijkpunt. De luchtvochtigheid was hoog en de paden glibberig, maar de beloning was groot: een uitzicht over de uitgestrekte bossen dat me even sprakeloos maakte.
’s Middags namen we een verfrissende duik in het Brokopondomeer. Het water was warm en kalm, omringd door restanten van oude boomstammen die nog uit het water staken sinds het meer in de jaren zestig werd aangelegd.
’s Avonds zat ik samen met de groep rond het kampvuur. De gids vertelde verhalen over de dieren van het bos en de legendes van de Marron-gemeenschappen. De sterrenhemel was helder, zonder lichtvervuiling, en ik voelde me klein maar gelukkig.
Dag 7 – Terug naar Paramaribo
Na twee dagen in de natuur was het tijd om terug te keren naar de stad. De rit naar Paramaribo voelde vreemd – na de stilte van het woud leek de stad opeens druk en luidruchtig.
Ik checkte weer in bij mijn hotel en besloot de middag rustig door te brengen. Ik liep wat door de buurt, dronk een kokosdrank op een terras en genoot van de warme wind.
’s Avonds at ik saoto-soep bij een Javaans restaurant. De smaken – pittig, kruidig en rijk – weerspiegelden de diversiteit van Suriname zelf.
Dag 8 – Dagtour naar het binnenland: Overbridge en Jodensavanne
Vandaag maakte ik een dagexcursie naar Overbridge, een recreatieoord aan de Surinamerivier. Het was heerlijk ontspannen: zwemmen, zonnen en genieten van het uitzicht over het water.
’s Middags bezochten we Jodensavanne, een historische nederzetting van Joodse kolonisten. De resten van een oude synagoge en begraafplaats lagen verscholen tussen de bomen. De gids vertelde over de bijzondere geschiedenis van deze plek – een stuk wereldgeschiedenis midden in het Surinaamse binnenland.
’s Avonds terug in Paramaribo liep ik nog een keer langs de Waterkant. De lichtjes weerspiegelden in het water en de geur van vers gebakken bara’s vulde de lucht. Ik besefte dat mijn tijd hier bijna voorbij was.
Dag 9 – Laatste dag in Paramaribo
De laatste volledige dag bracht ik rustig door. Ik bezocht nog wat winkeltjes voor souvenirs – Surinaamse kruiden, rum en houtsnijwerk. Daarna bracht ik een paar uur door in de Cultuurtuin, waar families picknickten en kinderen speelden.
’s Middags nam ik de tijd om mijn reisdagboek bij te werken op een terras, met een koud drankje erbij. Later dineerde ik bij een klein restaurant met uitzicht op de rivier. De zon zakte langzaam achter de horizon, en ik voelde dankbaarheid voor alles wat ik had mogen ervaren.
Dag 10 – Afscheid van Suriname
Vroeg in de ochtend vertrok ik naar het vliegveld voor mijn terugvlucht naar Nederland. Terwijl we door de stille straten reden, dacht ik aan alles wat ik had meegemaakt: de warmte van de mensen, de weelde van de natuur, de sporen van een complexe geschiedenis.
Suriname had me geraakt – niet alleen door zijn schoonheid, maar door zijn ziel. Een land waar culturen samensmelten, waar de natuur ongerept is, en waar het leven in een rustig, warm ritme beweegt.
Toen het vliegtuig opsteeg en ik nog eenmaal naar beneden keek, wist ik dat ik hier ooit zou terugkeren. Suriname had een stukje van mijn hart veroverd.
